
DE CONTROLEUR
De nacht en de wind bepalen eensgezind in de toren het systeem en de richting waarin de woorden waaien. De boodschap is luid tot ver te horen, ze verovert de straat, kan de menigte paaien.
Maar onzeker en vol wantrouwen in de mens stuurt de schaduw de controleur op pad met zijn hond op zoek naar de enkeling in de ondergrond die luistert naar gefluister, via sluipwegen door gaten in de teksten springt, zich tussen de letters door wringt.
Geen vrije gedachte mag de waarheid verstoren, orde is het codewoord, de controleur moet de chaos opsporen.
De macht heeft nagedacht en acht het wenselijk, ja verwacht, dat iedereen zich schaart achter dezelfde dromen die van boven komen en iedereen zal belonen met brood.
De denker en de speelvogel worden tijdens de controle verhoord.
